Auteur: Darling Doormat

A charming, sometimes indecisive, lady. Always polished, diplomatic, and willing to see both sides of the equation. Both practical and spontaneous, she will help you clean out a closet or take a road trip with you at the drop of a hat. She values beauty, harmony and style, and is characteristically active, artistic and easygoing.

De kat op het koord

(Waarschuwing : Emotionele Poezenliefhebbers slaan dit over)


Vangelis, mijn garagist in Sitia, is een uiterst voorzichtig man.
Als hij met aandrang fronsend zegt “don’t drive to Heraklion, just drive around Sitia” (dit moet zowat de enige zin zijn die hij in het Engels kent, speciaal aangeleerd met mij in gedachten), dan luister ik naar hem en zal je mij dus geen urenlang bochtenwerk in de bergen zien ondernemen.

Want als Vangelis dit zegt, dan is er stront aan de knikker. In dit geval, aan mijn karretje.

De man doet zijn werk grondig. Wat niet kan gezegd worden van de twaalf dozijn katten die mijn lieflijke heuveltop paringsgewijs overbevolken en overbelasten.

Het probleem van de productieve zwerfkatten (en -honden) in Kreta is genoegzaam bekend, ik ga hierover mijn duit niet in het zakje doen. Niet dat ik daar geen eigen oordeel over heb, maar omdat ik me danig en dagelijks oefen in het niet-meer-zonodig-een-eigen-oordeel-over-iets-te-moeten-hebben. Laat staan dit ook te ventileren.

Naast het met hoogst irritante klanken en met een driftige regelmaat bezegelen van hun voortbestaan en het werpen van verdere nesten ongewensts, worden katten ook verondersteld op muizen te jagen. Wat zij dus vertikken.

Ik heb dan ook besloten geen vaart meer te minderen als ik mijn helling kom opgevlogen en zij in formaties van acht midden op de baan liggen te verteren wat zij uit de vuilniscontainers hebben opgediept.

Want het is mij om die verrekte muizen te doen.

Het was mij al eventjes opgevallen dat ik bij het schakelen telkens een pikzwart rookgordijn achter mij aan zag bengelen. De olie, denk je dan. Kan niet, denk je dan, die is pas ververst en hoeft slechts om de zes maanden of om de 5000 km opnieuw. Althans, volgens Vangelis, zulke banaliteiten gaan immers aan mij voorbij. A sensible person had al eens onder de motorkap gekeken. Ik niet.

Toen viel de toerenteller uit. Geen zorg, denk je dan, ik hoor het wel als ik in overdrive zit.
Toen viel de radio uit. Minder gezellig. Het scherm er dan maar uitklikken en opbergen in het handschoenenvak. Tot ik eens in de garage raak.

Ik ben er vandaag geraakt.

Tientallen proppen van de binnenbekleding van de motorkap alom. Verdachte brokken alom. Kabeltjes alom. Stukgeknabbeld door muizen. Door muizen !
Vangelis gaat zich maandag op dit gevaarlijk kluwen werpen, beloofde hij. “Don’t drive to Heraklion” intussen.

Look out, poezelige luiwammesen. Mijn strooptocht wegens schuldig verzuim gaat morgen onverbiddelijk in.

Bevlogen en vervlogen (slot)

Ca ne change pas, un homme.
Un homme, ça vieillit. (J. Hallyday)


Als een gebroken man, zijn rolkoffertje achter zich aanslepend, stapt Ferryman uit het vliegtuig dat hem uit Athene terugbrengt.
Het dient gezegd, die zitjes in de binnenlandse propellerkisten zijn niet erg comfortabel.

Ik wacht hem in Sitia Airport op, ondanks het onwelvoeglijk vroege uur.
Niks is erger dan de tristesse die je overvalt als je thuiskomt en er niemand is om je te verwelkomen.
Daarom.
Bovendien blijft onze loyauteit, zelfs na onze breuk, overeind staan.

Een week verbleef hij in de hoofdstad, “escaping to lick my wounds” had hij er bij zijn vertrek nadrukkelijk aan toegevoegd.
Ik vermoedde meteen a lie, hij had er beslist nog wel andere zaken te regelen.

How are you?” vraag ik niettemin.

I try to feel fine“.

Het klinkt aandoenlijk, niet verwijtend. Wij moeten er beiden om lachen.

Fancy a coffee?” Natuurlijk. Altijd.

Drie terrasjes en het samen overlopen van de meest recente lokale gossip later, is Ferryman helemaal opgekikkerd. Als bij wonder is hij weer helemaal zijn oude zelf.

Are you sure you don’t want to stay a couple of days with me?” fleemt hij, terwijl hij op zijn stoep zijn bagage uit mijn autokoffer haalt.

Ik schud het hoofd. Op mijn leeftijd speel je geen spelletjes meer.

I’m sure“, antwoord ik, terwijl ik de wagen start.

Grieken denken maar aan twee dingen. Het andere is eten.

Bevlogen en vervlogen (3)

If little by little you stop loving me,
I shall stop loving you little by little.
If suddenly you forget me
do not look for me
for I shall already have forgotten you (P. Neruda)

Er waren de onderzoekende oogopslagen, de instemmende blikken. Het klaterend gelach om zorgvuldig gekozen herinneringen. De bestofte taal en onzekere aanrakingen van eenlingen. De troostende armen rond te zwaar beladen schouders.

Er waren ook de leugens, de verwijten. De verwoestende stiltes en gesloten deuren. De kwetsingen die men niet langer voor lief neemt.

Wij nemen afscheid.

Het verlies was er al voor het einde,
de tranen voordat het afscheid kwam.

Ik kijk achterom en als ik naar Ferryman kijk, weet ik ineens niet meer waarom.

Voor elkaar

En dan opeens zijn wij met z’n allen een nieuw jaar ingetuimeld. De wensen, dromen, verwachtingen van 2019 bergen wij nu langzaam op, samen met de tegenslag, het verdriet en het ongemak dat er ook was en wij spoedig willen vergeten.
Nieuwe wensen vliegen je om de oren, nieuwe hoop en nieuwe vooruitzichten dagen voorzichtig op, nieuwe mensen komen in ons leven, nieuwe voornemens worden gemaakt, nieuwe plannen gesmeed.
Alles wordt vandaag immers nieuw, opnieuw.
Maak 2020 voor elk van ons in deze gemeenschap pas écht nieuw met meer aandacht, betrokkenheid en een liefdevol woord voor elkaar.

Dank voor al jullie schitterende bijdragen, die mij telkens vreugde, ontroering, verbazing en een glimlach brachten. Ga vooral zo door in 2020!

Het laatste kalenderblaadje

Het Dorpsleven.

De pagina van de kattenfamilie krijgt steeds meer volgers.
Wie deze winter niet tot zijn enkels in het water wil staan vult alvast de nodige zandzakjes.
De zusjes Anna en Eleni genieten van de laatste zonnestralen.
Niet elke zilverduif voelt zich thuis op de gemeentelijke derdeleeftijdsviering.
Self service
Crochet Crétois

Het Stadsleven.

Een fonkelende, hoopgevende kerstboom in het stadscentrum
Schoonheid in wellustige vormen
Eenrichtingsverkeer voor mindervaliden
Je beurt afwachten
Duidelijk

Bevlogen en vervlogen (2)

“Last time I saw you, baby, you looked beautiful.
Now, you look dangerous…”




Ik moet het ootmoedig bekennen, ik heb zo mijn zwakke momenten.
Zo kan ik bijvoorbeeld niet keihard de levende poep pijnigen
uit een man, die godganse dagen aan mij blijkt te denken
en reeds dik drie uren op een warm terras op mij zit te wachten.

Wij hadden inderdaad a lot to talk about.
Het scheppen van enige klaarheid in wat ik al op een onvervalste Griekse tragedie uit zag draaien was hier aan de orde.

“I will be waiting for you all morning, baby”.

Netjes afgeborsteld zag Ferryman eruit. Een tikkeltje té zwierig met die borstel tekeergegaan misschien, zijn eertijds volle zilveren haardos leek flink uitgedund. Had ie maar niet zo vaak aan mij hoeven te denken.

Als een springveer wipte hij uit het bloemetjesstoffen zeteltje – die knie moet nu wel in orde zijn – en viel me sweetheartend om de slanke hals .

Ik was verwittigd. Griekse mannen zijn orakels. En het zijn leugenaars. Het ligt voor de hand, je kan niet twintig uren per etmaal nauwelijks naar adem happend doordrammen zonder dat er creatieve onnauwkeurigheden in je verhaal opduiken.

Geamuseerd aanhoorde ik Ferryman’s lange verhaal, hij luisterde op zijn beurt ernstig en instemmend knikkend naar de resem ontradende argumenten waarom I wasn’t looking for a relationship.

“My gentleman’s word, darling, I will respect your privacy”.
Tot zover onze agreement.

Verstandige, begripvolle mannen kan ik naar waarde schatten.

Bevlogen en vervlogen (1)

“Just a walk, not a marriage proposal…”
(Jack Nicholson in “Something’s Gotta Give”)


Het is vrijdag, een schitterende luie dag. En er is geen excuus om de wekelijkse Vlamingen-in-Kreta-koffieklets onder de sinaasappelboom op het terras van Vassili te missen.
Om 10u30 GMT (Griekse Misschien Tijd) staat ons tafeltje klaar, 11u kan ook nog.

De vogeltjes hebben mij wakker getjilpt. Ik luister naar hun vrolijk gekwetter, het énige geluid in de wijde omgeving. De zon kruipt omhoog en streelt mijn nek, terwijl ik in de tuin de rozen knip en mijn ontbijttafel dek.

De eitjes heb ik sunny side up gebakken en de toast met olijfolie ingestreken, de te zwarte romige koffie doet mijn vingers tintelen.
Zou ik best achterwege laten, zei mijn arts ooit. Net als mijn sigaretten. Hij kent nog niet half mijn dagelijkse consumptie.

Ik hoor gestommel op de zijtrap, die van de anonieme straat naar mijn voordeur leidt. Het gekraak van door de hitte gebarsten betontreden verraadt een mannenstap.

Ferryman.
Zo wordt de mysterieuze reder uit Athene hier genoemd.
De golden unreachable voor alle smachtende Britse Eastenders, die hier wel vaker last hebben van te veel rust, een niet meer zo significant other en opspelende hormonen.
En met giftig-flirtige onschuld elkaars competitie te lijf gaan.

Ik ontmoet hem voor het eerst, hij verblijft slechts zelden in het
oude huis dat hij in mijn bergdorpje heeft opgeknapt en hult zich bewust in een low profile waas.

“Of hij mij de sleutel mag overhandigen van de wagen, of eerder het wrak, dat al een paar jaren onbeheerd in de straat staat en volgende week weggetakeld wordt?

“No problem, Sir”.

Geen tamtam in de brousse van Toubacouta die je sneller am laufenden houdt dan de Kretenzische geruchtenmolen.
Nauwelijks heb ik mijn derrière in Vassili’s behaaglijke zeteltje geplant, krijg ik mij daar mijn buurvrouw Cheryl aan de lijn, buiten adem, een tikkeltje tipsy ook, het is ten slotte al aperotijd.

“Ferryman fancies you! Really, darling. Woo hoo, yes! He’s telling everyone he met you this morning. He is completely out of his mind. He’s gone crazy about your little red dress!”

Cheryl’s vermaarde beschonken welbespraaktheid hoeft voor geen ene meter voor de al even beruchte Griekse ontvlambaarheid onder te doen.

Drie woorden heb ik met Ferryman gewisseld.
En nog eens vijf zinnen, als ik hem begroet op het jaarlijkse plaatselijke dorpsfeest vier weken later. En hem bezweer dat het “no problem, Sir” is, als hij zich verontschuldigt dat hij, als gevolg van een knie-operatie, niet met mij kan dansen.
“But, I’ll be delighted to dance with you next year”.

Een paar maanden later.
Ik ben op weg naar Athene, waar ik een vlucht naar Brussel zal nemen.
En raak op Sitia Airport in een hoogoplopende discussie verwikkeld met een politieagent, die mijn bagage op de loopband wil screenen terwijl de Olympic baliebediende op identiek hetzelfde moment mijn bagage op zijn loopband wil inchecken.

Hulp komt uit onverwachte hoek.
Ferryman, ook op weg naar Athene, waar zijn moeder na een jarenlange ziekte overleden is.

Wij keuvelen wat bij een frappé. Dit is nieuw voor mij. Hoe verloopt zo’n begrafenis? Wil ik weten.
Wanneer kom je terug, sweetheart? Wil hij weten.

Sweetheart? Ik ril bij het woord.

Een paar weken later ril ik nog steeds, van de kou in België ditmaal. En bij het snel naderen van mijn volgend vertrek.

“We have a lot to talk about, baby“.
Deze boodschap loopt over mijn mobieltje.
Baby?? Baby!!

Het beste dat wij van mensen kunnen verwachten, is dat zij vergeten, zei de wijze Mauriac.
Nou, wat mij betreft.