Categorie: Struggling against Madness

Mazzel

Afbeelding

I have an announcement to make“.

Boss zit, in al zijn relaxte heerlijkheid en rechts van mij, met een superieure glimlach
aan de ronde tafel. Zes leden van onze Boekenleesclub hebben acte de présence gegeven vandaag.  Een magere opkomst, deze keer.
Lena heeft op het laatste moment forfait gegeven. Het verwondert mij niet.
Zij zat gisterenavond naast Boss op het jaarlijks diner  van Zsuzsa en hun beider kamervullend ego heeft sporen  van collaterale schade achtergelaten. Voornamelijk bij haar dan.

Ik zeg dan wel “onze” Boekenleesclub, maar uiteraard is die van Boss.
Toen zijn vorig lief hem in een halfafgewerkt huis en eenzaam (lees zonder enige vorm van aandacht) onder zijn ontluikende citroenenboom achterliet, drongen ingrijpende maatregelen zich op.  Hij moest op zoek naar educated available women. Het soort dat je normaliter in bibliotheken aantreft. Of, zoals op Kreta, in een solitair hoekje met een
motivational boekje.

Zijn queeste naar belangstellenden voor een boekenleesclub kende een onmiddellijk succes.  Een paar weken en hij had ze bijeengedreven, de engelse-taal-machtige beschikbaren, die weliswaar  niet zozeer gemotiveerd waren door deze edele vorm
van volksverheffing, maar hem reeds bij de eerste kennismaking als desired goal hadden gekwalificeerd.
Met Boss als vurig bezieler en enige mannelijke  deelnemer, bleef de club jaren overeind.
En zijn bed half onbeslapen, gezien hij een andere  doelgroep dan oude spinsters voor ogen had.

Vandaag dus heeft Ciska een ruime vassilopita op de ronde tafel gezet, de felgeprezen nieuwjaarscake met ingebakken muntstukje.

Vijf hoofden draaien zich verrast naar Boss bij het horen van zijn plechtige aanhef. Dit is zo anders dan het gewoontegetrouwe “I have made an executive decision“.

Natuurlijk. Het muntje in ZIJN taartpuntje. En een gans jaar geluk op de koop toe.

Koffietje morgen?

Ik heb vanmorgen mijn haar niet gewassen.

De boss en ik zijn op weg naar de hoofdstad.
Het is een stralende dag vandaag, er liggen
zelfs mensen in de zee.

Ik zie ze heel duidelijk, ik heb mijn hoofd
dermate verkrampt naar mijn zijraampje gedraaid, dat ik er vanavond geheid geblokkeerde nekspieren aan zal overhouden.

De boss zwijgt eveneens. Hij weet precies welke risico’s hij loopt als hij nu “don’t go silent on me, Babette” zegt.

Zsuzsa hing gisteren aan de lijn.
“Haai, Boss! Koffietje morgen zo rond 10 op Lions’ Square? Ik heb een fan-tas-tisch voorstel!”

Boss, steeds in voor een watdanook voorstel,
hapte toe, zoals een caretta caretta in rugligging naar water.

Zsuzsa is uitgeefster, begenadigd kok en kort aangelijnde pitbull.

Bovendien negeert zij mij straal, dus ik mag haar niet zo
en iemand zal hiervoor boeten.

Zsuzsa vliegt op me af, er hangt een kwart pond zilver aan elk van haar oren. Luchtzoenend slaag ik erin onherstelbare schade aan mijn exclusieve brilmontuur te voorkomen.

Ik voel meteen aan mijn water dat mijn aanwezigheid geenszins op prijs gesteld wordt.

En Zsuzsa heeft een vers gat in de uiterst zwakke markt ontdekt, dat vertelt zij uitgebreid aan de boss, die het wel hoort, maar niet luistert.

Haar Griekse klanten betalen immers haar facturen niet, dus moet zij noodgedwongen haar overigens ongemeen pittige grenzen verleggen. Een winkeltje met Griekse produkten annex vreet-het-nu-meteen-op
bistrootje lijkt haar wel wat.
En laat zij nu net het perfecte pand gevonden hebben. Maar laat zij nu net niet
onmiddellijk in staat zijn de vereiste 15.000 lappen voor de franchise op tafel te leggen.

De boss laadt inmiddels een foto van zijn cappuccino op voor zijn facebookfans. Ik blijf meevoelend en zwijgend naar Zsuzsa
staren.

“How was Istanbul?” vraagt zij mij uiteindelijk.

“Absolutely amazing, my dear. Booming.
Full of opportunities. You must visit it some time”.
          Afbeelding

Attention, please!

“Ba-betttt?”
Zeurderige klaagtoon. Stijgt op uit de bank waar Boss zich net
uit zijn middagdutje heeft gehoest.
“You’re not paying me much attention”.
Wij zijn net terug van een weekje Istanbul. Ik met een ongekende
energiepiek, hij een beetje ziekjes.
Om 8 u stipt heb ik hem ontbijt op bed gebracht, met een gekruid omeletje
in dat koperen pannetje waarvoor hij mij door de halve Spice Bazaar
heen heeft gesleurd.
“Of ik dat pannetje rechtstreeks op het vuur heb gezet? Misschien toch
beter niet doen, in Turkije bakken ze het omeletje apart”.
Ik sta er niet bij stil, bedenk enkel dat het ontbijteitje morgen zachtgekookt
zal zijn.
Tegen 10 u stipt heb ik de drie koffers leeggehaald, teruggezet wat moet
staan en teruggelegd wat moet liggen, de wasmachine volgestopt,
de afwas weggewerkt, de buren bedankt omdat zij een oogje in het zeil
hielden tijdens onze afwezigheid, de was aan de lijn gehangen, een volgende
machine gevuld, mijn rekeningoverzichten gecontroleerd en de
Griekse comments op zijn fanpagina’s vertaald.
“Can you bring my tea, please?” Het is 10 u stipt.
“I’d like a coffee now”. Het is 11.30 u stipt.
“I’m hungry now”. Het is 12.30 u en is bedoeld als herinnering dat hij zijn
lunch graag om 13 u stipt wil hebben, als hij BBC World News volgt.
Misschien ben ik het uur wel eventjes uit het oog verloren.
Dat was erg lekker, thank you.
Boss is nu aan het Engels nieuwsoverzicht op France24 toe
en valt bij de tweede herhaling steevast in slaap.
“Yes, please!”
Ik hoef hem niet eens meer te vragen of hij nu (het is 15 u stipt)
een kopje thee zou wensen.
Een beetje compulsief kan je Boss wel noemen. Elk oompje zijn syndroompje, zeg ik maar. Misschien moet ik hem maar wat meer aandacht schenken.

 
 

Babel-utte

Zo, onze jaarlijkse nieuwjaarslunch voor de vrienden is ook achter de rug.

Onze vrienden, dat zijn met name de stervelingen, die tot de vaststelling zijn gekomen dat ik niet de Albanese huishoudster van Boss ben, maar gewoon “a nice girl”.

Met een restje aan maatschappelijke verantwoordelijkheid in het achterhoofd, is het samenstellen van een degelijke gastenlijst geen lachertje en verdient enige focus. De minderheids- en andere achtergestelde groepen mogen immers niet over het hoofd worden gezien. Dus, er moet minstens één vrouw zijn, minstens één mindervalide, minstens één homo en minstens één medemens met een diepe huidskleur.

O ja, die en die. En wat dacht je van die? Enkel de laatste is een probleem. Kennen wij een donkerhuidige chap? Met een das en tafelmanieren en die geen rits kinderen naar een lunch meesleept?

Kleurlingen zijn dun gezaaid in onze Kretahoek, de enkelen niet te na gesproken die mij op de terrasjes steevast zo’n doosje met haakje proberen te verlappen, waarmee je binnen de drie seconden een draad door een naald kan halen. Eén euro en gratis demonstratie.

Ik heb zo’n doosje en vertel dat dan ook eerlijk als de derde in rij langs schuift. En dat ik er heel tevreden mee ben. Het is hen trouwens meteen aan te zien dat zij mij niet geloven.

Geen chap, een chick dan? Boss krijgt het op zijn heupen. Ja, natuurlijk! Maar laat zij nu net op familiebezoek in Hawaï zijn. Zullen wij er dan maar een diep getaande Griek bijhalen? Niemand die het verschil zal merken, het is er al met al nogal duister in die taverna.

Twee dagen pandemonium verder zijn de uitnodigingen de deur uit en liggen de naambadges keurig klaar.

En ja hoor, het was een perfect eclectische bende altogether, het kleurrijke kruim dat een paradijselijk eiland pleegt te bevolken. Zij kwamen uit Finland, uit Zanzibar, uit Canada, uit de VS, uit Vlaanderen en Nederland, uit Ierland, uit Italië, uit Hongarije, uit Australië en uit Turkije. En uit Griekenland.

Er was zowaar ook een Brit, eentje maar. Boss delft voor een keer het onderspit. Britannia rules.

 

Afbeelding

Oooh… you look FAB!!

Feit : Gisteren heeft Boss zijn omslagfoto gewijzigd.

Niks te vroeg, want er stonden nog steeds kerstwensen op, totaal incompatibel met de spetterpoep waarvan je langzaam herstellende bent na het obligatoire nieuwjaarsfamiliediner.

Smashing staat hij erop. Linnen zomerkledij, bloot op
voor kinderblikken toelaatbare lichaamsdelen.
Diepgebruind ook, zo’n tint die ik nog niet na drie dagen-
drie lagen Sublime Bronze kan benaderen.

Werelds, gebalanceerd, larger than life.
Een zelfingenomen, voldaan glimlachje naar de fotograaf.
In dit geval zijn vorig lief. Ik ken dat glimlachje, die twee
hebben een paar uren voordien echt niet achter een
winkelwagentje lopen slenteren.

Het effect was terstond en laaiend.
Geen kunst als 748 van je 792 vrienden vrouwen zijn.
Onbegrijpelijk als hij er hooguit 63 ooit persoonlijk heeft ontmoet.

Bijna was de omslagfoto viraal gegaan, aan de omvang van
de hormonale, postmenopauzale übercomplimenteuse
commentaren zal het niet gelegen hebben.
Stupid chicks.

Boss glunderde. Wentelde zich uren behaaglijk in deze
vrouwelijke adoratie.

Tot ik hem eraan herinnerde dat de foto minstens 6 jaar
oud was. “Zie je, sweetheart, minder haar, meer buik…”

Ik heb genoten van een geruisloze, ongestoorde avond.